Eigen artikels

Misvattingen over natuurlijke selectie

Abstract

Sedert de ontdekking van de genetica groeide het inzicht dat het begrip natuurlijke selectie in essentie betekent dat de natuur genen selecteert, en sedert de bestseller van R. Dawkins aanvaardt een brede strekking binnen de wetenschap de hypothese dat eigenschappen evolueren omdat dit in het belang is van de genen die ervoor coderen. Maar een ontleding van het proces van natuurlijke selectie toont aan dat deze hypothese niet realistisch is. Natuurlijke selectie is een gebeuren dat bestaat uit deelgebeurtenissen die volgens bepaalde wetmatigheden verlopen. Zo’n gebeuren wordt ook proces genoemd en de voorstelling ervan in een stroomdiagram geeft inzicht in de wetmatigheden. Het stroomdiagram dat het proces van natuurlijke selectie voorstelt, toont dat fitnessverandering de enige gebeurtenis is die in een wetmatig verband staat met de selectie van genen. Enkel de organismen en de grotere organische gehelen kunnen fitness realiseren en het voortbestaan van genen is daar louter een gevolg van. In die zin is Dawkins’ hypothese dat eigenschappen evolueren omdat dit in het belang is van de genen die ervoor coderen, een misvatting. Hierbij aansluitend is ook de multilevel selection theory (E. Sober & D.S. Wilson, 1994) een misvatting. Deze theorie stelt dat het proces van natuurlijke selectie zich voordoet op drie niveaus: dat van de genen, dat van de organismen en dat van de grotere organische gehelen. De misvatting ligt erin dat de theorie geen onderscheid maakt tussen het niveau waarop de natuur kan selecteren, namelijk dat van de genen, en de niveaus waarop fitness gerealiseerd kan worden, namelijk dat van de organismen en organische gehelen. De herkomst van fitness is deels een aangeboren aanleg en deels gedragsafhankelijk, maar voor de verdere uiteenzetting is deze nuancering onbelangrijk. 

Natuurlijk leiderschap

Abstract

Onze menselijke natuur is per definitie onveranderbaar, maar cultuurgebonden omgangsvormen zijn dit per definitie wel, dus ook de omgangsvorm waarbij we macht aan rijkdom en status koppelen. Deze vaststelling is vanuit ethisch standpunt cruciaal omdat ze ons vertrouwen geeft in de mogelijkheden tot verdere morele ontplooiing van onze cultuur. Er is geen discussie over dat competente en integere leiders het harmonisch samenwerken van een groep bevorderen, wat bvb in een bedrijf de economische doelstelling ten goede komt. Tegelijk stellen wij vast dat machthebbers, in de politiek en het bedrijfsleven, moeilijk kunnen weerstaan aan normvervaging en machtsmisbruik, vanwaar de idee dat macht corrumpeert. In onderstaande drie paragrafen tonen we aan dat het eerste leidertype meer met onze menselijke natuur strookt dan het laatste. De redeneringen gaan er vanuit dat we de evolutieleer aanvaarden. Om de tekst niet te overladen, kunnen er stappen in de redeneringen ontbreken.

Wiskunde is enige synthetische kennis a priori.

Immanuel Kant brengt een vernieuwing in de kennisleer door aan te tonen dat wiskundige oordelen synthetisch kunnen zijn en dat synthetische oordelen a priori dus mogelijk zijn. Een a priori oordeel (voorafgaand aan de ervaring) sluit het gebruik van enige ervaring niet uit, zolang de waarheid van het oordeel maar onafhankelijk blijft van de gebruikte ervaring.

Subcategorieën

Geen categorieën gevonden